Van computer-baan naar boer: deze mensen kiezen voor minder scherm en meer natuur

Veel van ons zijn beeldscherm-moe en verlangen naar een leven in de natuur. Redacteur Roanne dook in de wereld van de ‘nieuwe boeren’: mensen die hun computer-baan inruilden voor een boerenbestaan. “We willen minder lullen en meer poetsen.” 

Mijn laptop kijkt naar mij, ik naar haar. Als een soort stare battle zitten we uren tegenover elkaar. Zij helpt mij om informatie te vinden, mijn gedachten te transformeren tot artikelen en deze te delen met wie ze wil lezen. En ik houd van haar om die reden, maar ik verafschuw haar rechthoekige scherm dat dag in dag uit mijn realiteit vormt. “Pas op dat je geen vierkante ogen krijgt,” zei mijn oma vroeger als ik de hele zondagochtend voor de televisie zat. Ik geloof dat het nu te laat is.

In plaats van erover te schrijven, wil ik daadwerkelijk bijdragen aan een mooiere wereld

Op de momenten dat mijn lichaam het wint van mijn hoofd – pijn aan mijn onderrug, schouders die vastzitten van het typen en een oppervlakkige ademhaling – kijk ik verlangend uit het raam. Dan wil ik naar buiten om die vierkante ogen weer rond te maken. En droom ik van een leven als boer met een permacultuur moestuin, voedselbos en geiten en varkens om mee samen te leven. In plaats van erover te schrijven, wil ik daadwerkelijk bijdragen aan een mooiere wereld. Minder lullen, meer poetsen.

Steeds meer mensen delen dit verlangen. En een aantal van hen heeft deze droom al waargemaakt: ze zeiden hun computer-baan op en werden boer. In mijn woonplaats Nijmegen ontdekte ik een bolwerk aan nieuwe boeren die de natuur herstellen terwijl ze groentes op het land verbouwen.

“Ik ben zo voldaan na een dag buiten te hebben gewerkt,” zegt Merel (30) aan de telefoon. Ze is net terug uit Spanje waar ze op een biologische koeienboerderij heeft meegewerkt. Het tuinseizoen in Nederland staat weer voor de deur, dus is ze terug om aan de slag te gaan bij regeneratieve boerderij Bodemzicht. Daar zal ze tot het einde van het tuinseizoen vier dagen in de week werken.

Zo is het niet altijd geweest. Na de middelbare school wist Merel niet wat ze moest doen, ze deed een beroepentest en kwam op de Human Resource Management opleiding uit. Na vier jaar studie ging ze aan de slag als adviseur bij een recruitmentbureau. Het was een leuk en jong bedrijf, maar ze miste iets. Haar collega’s hadden hetzelfde knagende gevoel: als geld geen rol speelde, wilde de een boswachter worden en de ander timmerman. Merel: “Ik zat veel binnen, achter mijn laptop en was aan het vergaderen met collega’s en klanten. Maar ik was niet écht iets aan het doen.”

“Mijn leven is zo veranderd. Ik mentaal en fysiek veerkrachtiger en voel een flow in mijn leven”

Na twee jaar fulltime op kantoor te hebben gewerkt, besluit ze haar baan op te zeggen en naar Colombia te reizen. Op een biologische koffieboerderij ontdekte ze hoe fijn het boerenleven is: het gemeenschapsgevoel, het werken met de handen, het produceren van voedsel en de connectie met de natuur.

Terug in Nederland gooide ze het roer om en volgde de deeltijdopleiding aan de biologisch dynamische landbouw school Warmonderhof. Twee jaar lang ging ze een dag naar school, liep ze twee dagen stage en werkte om rond te komen in een café. Merel: “Mijn leven is zo veranderd. Ik woon op een boerderij met een paar mensen, ben mentaal en fysiek veerkrachtiger en voel een flow in mijn leven. Dat hoor ik van meer mensen die boer zijn geworden, de dingen gaan meer vanzelf.”

We hebben het over de stare battles met mijn laptop en mijn behoefte naar buiten. Ze begrijpt het en vraagt wat me tegenhoudt. Ik brabbel iets over geld en zekerheid. Maar hoor door mijn eigen gebrabbel heen vooral angst spreken: bang om geen geld te hebben, om alles in mijn leven op het spel te zetten en het meeste nog om mijn plek in de maatschappij te verliezen, om te worden verstoten. Want dat journalist zijn, is naast een geweldig beroep om van alles uit te zoeken en te vatten in mooie artikelen, ook een manier – voor mij – om ‘erbij te horen’. Om een plek te hebben in de samenleving.

“Mensen kijken anders naar je als je ergens in Amsterdam-Zuid in een strak pak uit een dikke auto stapt, dan wanneer je in je boerenkloffie over straat loopt. Het was best een stap om die status op te zeggen”, merkt Sam (33) van Gelukkige Groentes. Terwijl hij uitkijkt op één hectare grond met no-dig compost bedden, vertelt hij zijn verhaal. Ooit was hij salesman bij een ICT-bedrijf. Vanaf het moment dat hij was aangenomen, ging hij in een stijgende lijn omhoog op de carrièreladder. Hij werd gezien als jong talent en behoorde tot de best presterende verkopers van 2017. En daar hoorde een goed salaris bij. Eigenlijk ging alles van een leien dakje, totdat zijn vader plotseling overleed en het hem steeds zwaarder viel om zijn werkzaamheden uit te voeren. Sam: “Ik moest een hoog sales target van halen, maar waarvoor? Ik kwam bij bedrijven binnen waarvan ik dacht: ‘Wat zijn ze hier eigenlijk aan het doen…?’ Ik voelde een steeds grotere disconnectie met collega’s.”

“Ik geloof dat de mens hier is om het leven te laten bloeien, niet om haar kapot te maken”

Sam begon vragen te stellen over het huidige systeem, over hoe onze economie is vormgegeven en onze landbouw eraan toe is. Naast zijn baan volgde hij een trainingsprogramma bij Starters4Communities om erachter te komen hoe hij wél kon bijdragen aan de samenleving. Voedselbossen en permacultuur kwam meer op zijn pad en op Youtube keek hij alles wat hierover te vinden was. Maar het zware gevoel tijdens zijn werk bleef.

In de natuur was het anders. Daar voelde hij de aanwezigheid van zijn vader. Sam: “Ik besloot mijn baan op te zeggen en tegen kost en inwoning te gaan werken op boerderijen in Azië. Dat was fantastisch. Het buiten werken deed me goed. Het is veel simpeler. Ik geloof dat de mens hier is om het leven te laten bloeien, niet om haar kapot te maken.”

Bij Kiemkracht 64 kon hij een stukje grond krijgen om zelf aan de slag te gaan. Samen met Maarten (33) – die hij bij Kiemkracht 64 ontmoette – zette hij Gelukkige Groentes op: een Community Supported Agriculture (CSA) tuinderij. “Als boeren werken wij voor een gemeenschap van vaste klanten (Plukkers) voor langere termijn. Met deze gemeenschap delen we de overvloed van de oogst en de risico’s van een misoogst. Dit biedt ons financiële zekerheid zodat wij voedsel op eerlijke en verantwoorde wijze kunnen telen.”

“Zoveel jongeren zitten binnen en zien buiten alle wereldproblemen voorbij komen. Ze willen niet achter een computer zitten, maar echt iets doen aan de toestand van de wereld,” zegt Sam. Omdat jonge mensen zoekende zijn in hun carrière naar een baan met betekenis en impact, willen zij hen helpen zelf Gelukkige Groentes pluktuinen te starten. “Wij zijn hen voorgegaan en dat was niet altijd makkelijk. Met onze kennis kunnen we anderen helpen.”

Ik zit minder met mijn hoofd in de zware materie van alle wereldproblemen en meer in het hier en nu

Een week na ons gesprek appt Merel of ik op Bodemzicht kom helpen bij het aanleggen van compostbedden. “Buitenfitness 2.0!”, voegt ze toe. Daar heb ik wel oren naar: proeven aan het buitenleven. Op afgesproken tijd en datum ben ik op locatie. De hele dag sta ik met mijn snuffert in de zon kruiwagens met compost te verplaatsen van de composthoop naar de tuin. Fysiek is het uitdagend werk. Mijn bovenrug moet wennen aan de overgang van typen naar een flink gewicht tillen. Maar de spierpijn de volgende dag is voldoenend van aard. Twee dagen later heb ik er wel weer zin in en vraag ik Merel of ik nog een dagje kan komen helpen. Er zijn meer vrijwilligers dan de vorige keer, allemaal met een andere reden om die dag aanwezig te zijn. De een studeert agricultuur aan de Universiteit van Wageningen, de ander werkt als televisieproducent in Amsterdam maar merkt een grote behoefte naar de natuur, en weer iemand anders heeft haar leven als arts net vaarwel gezegd. Als ik vertel over mijn artikel, knikt iedereen beamend en zegt de agricultuur-student: “Ja, het is echt een ding. Zoveel mensen hebben behoefte aan meer in de natuur zijn en werken op het land.”

Het fysieke werk zorgt voor een ander soort verbinding met elkaar, merk ik. Voor een meer aards samen-zijn dan wanneer je met elkaar belt, Google-Meet of naast elkaar achter je laptop zit. Het werk is zwaar, maar mijn lichaam blijkt sterker te zijn dan ik dacht. Ze lijkt eindelijk te kunnen doen waarvoor ze bedoeld is: bewegen in de wereld. Komen die brede schouders – waar mijn oma mij graag op attendeert – toch nog van pas. En dat alles maakt dat ik minder met mijn hoofd in de zware materie van alle wereldproblemen zit en meer gewoon in het hier en nu ben. Misschien is dit wat men mindfulness noemt. Ik voel me wel senang met deze staat van zijn.

Maar voordat ik een radicale carrièreswitch maak, besluit ik ter verdere oriëntatie vrijwilligerswerk te gaan doen. Via Merel kom ik terecht bij boer Siem van Eet Meerbosch. Hij heeft een veelzijdig stukje land gecreëerd: een CSA tuinderij met no-dig compost bedden en wisselteelt, een voedselbos en een veehouderij. Die diversiteit spreekt me aan. Ik mail hem en na zijn winterslaap mailt hij terug dat ik kan langskomen.

Tussen de afvalfabriek, een vervallen gymzaal en een paar verlaten loodsen, groeien de groenten. Siem (38) leidt mij rond en vertelt dat hij tien jaar fysiotherapeut is geweest. Hij was veel bezig met preventie van overgewicht, maar merkte dat hij steeds minder zin had om uit te moeten leggen waarom gezonde voeding belangrijk is: hij wilde het laten zien. Plus vijf dagen in de week elke dag twintig cliënten zien, stond hem steeds meer tegen. Dus werd hij boer. Siem: “Bijna alle nieuwe boeren hebben eerst een ander vakgebied beoefent. Zij nemen allemaal een andere expertise mee.”

Er is geen concurrentie, wel veel gemeenschapsgevoel

Met Siem spreek ik af om op woensdagen te komen vrijwilligen. Ik hark, maak compost bedden vrij van onkruid, plant kiemplantjes en leg paden aan. Ik zie de zon opkomen en ondergaan, dieren met elkaar in de weer en wroet met mijn handen in de aarde. Het is heerlijk. En ik geniet volop van het buiten zijn. Maar tussen het tuinieren door denk ik aan mooie woorden en zinnen en kijk ik uit naar de stare battles met mijn laptop. Om mijzelf in haar te verliezen en verhalen te schrijven die mij aan het hart gaan.

Een mens is gemaakt voor een grote variëteit aan activiteiten, althans dit mens. Ik hoef niet te kiezen, besluit ik. Ik combineer buiten en binnen, lichaam en geest, want ik geloof dat ik beiden ben: een lulkous en een poetser.

“Wat een rijkdom,” verzucht ik terwijl ik deze woorden type en opkijk van mijn scherm. Vanaf een tuinstoel kijk ik uit over de moestuin waar mijn oma aan het harken is. Mijn ogen veranderen van vierkant naar rond. Ik hoor vogels tjilpen, word gestoken door een overwinterde mug en voel de zon op mijn kruin. “Ik word een schrijvende boer met een permacultuur moestuin, een voedselbos en geredde geiten en varkens,” roep ik naar mijn oma. Ze lacht me toe.

Meer verhalen lezen van mensen die uit de ‘ratrace’ stappen? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en krijg ons laatste e-magazine cadeau!

Oorspronkelijk gepubliceerd op 6 april 2022. Laatste update: 8 juni 2022

Afbeeldingen: Shutterstock.com / Jacob Lund