Ragna Heidweiller

Ook mannen hebben baat bij een andere verdeling tussen zorg en werk (echt!)

31 mei 2022 DOOR Marije Remmelink Verbonden LEESTIJD: 9 MIN

Mannen zorgen voor het inkomen, vrouwen voor de kinderen. Nu steeds meer vrouwen ook een betaalde baan hebben, gaat deze ‘traditionele’ rolverdeling vaker schuren. Hoe zorgen we er samen voor dat we dit gelijker verdelen? We vroegen dit – en meer – aan expert genderongelijkheid Ragna Heidweiller, die er uit eigen frustratie het boek ‘In voor- en tegenspoed (maar alleen als jij de afwas doet)’ over schreef: “In de kern is dit een welzijns- versus welvaartsvraagstuk.”

Je bent expert genderongelijkheid en schrijft over de werk-zorgverdeling tussen mannen en vrouwen. Waarom is dit een belangrijk thema voor jou?

“Ik generaliseer, maar in Nederland zie je, net zoals in veel andere westerse landen, dat vrouwen meer tijd besteden aan zorg en het huishouden en mannen aan betaald werk. Terwijl de helft van de stellen zo’n traditionele rolverdeling eigenlijk helemaal niet wil. Van hen lukt het slechts 25 procent om de taken eerlijk te verdelen. Stellen zonder kind ervaren dit vaak al, maar als er een kind wordt geboren raakt die verdeling helemaal uit balans. Er komt dan een multiplier op zorgtaken, huishoudelijke taken en mentale last.”

Mannen zorgen voor het inkomen, vrouwen voor de kinderen. Wat is daar erg aan?

“Bij veel stellen die deze verdeling wel gelijk zouden willen hebben, maar waarbij dat niet lukt, gaat het ergens wringen, één van de partners is dan ontevreden over hoe het gaat. Meestal is dat de vrouw. Voor een gelijke verdeling zijn het vaak mannen die iets in moeten leveren; zoals betaald werk of sporten. Dat is vaak lastig, want zorg en huishouden heeft niet zo’n hoge status als betaald werk. Maar ja, er is wel gewoon een mens bijgekomen en daar moet voor gezorgd worden. Die tijd moet ergens vandaan komen. Aangezien een gezin een gezamenlijk ‘project’ is, doe je dat dus met z’n tweeën.

Maar mannen hebben ook veel baat bij een eerlijke verdeling. Vaders die meer betrokken zijn bij opvoeding en zorg hebben een betere band met hun eigen kinderen. En dat heeft een bewezen positief effect op de algemene en cognitieve ontwikkeling van kinderen – bij meisjes bijvoorbeeld op hun zelfvertrouwen. Partners van betrokken vaders voelen zich meer gesteund en gezien en krijgen meer ruimte om zich te ontwikkelen. Dat maakt je relatie een stuk fijner (en je leven dus een stuk leuker). Daarnaast zijn er ook mannen die veertig uur werken omdat dat van ze verwacht wordt, maar echt niet alle mannen willen dat.

“Ik denk dat het gezond zou zijn voor de samenleving als we onze kinderen iets anders laten zien dan wat wij hebben gezien”

Wat misschien wel het allerbelangrijkst is, is dat een scheve verdeling vrouwen financieel kwetsbaar maakt. Als je uit elkaar gaat (en dat gaat 38 procent van de stellen) hebben vrouwen het vaker financieel lastig en verliezen vaders vaker het dagelijks contact met de kinderen. Die gaan met de moeder mee, want die zorgde altijd al voor ze. Die financiële kwetsbaarheid is trouwens al tijdens de relatie problematisch, want niet alleen scheiden is een risico, er kunnen zoveel dingen gebeuren: de partner kan zijn baan verliezen, ziek worden, of erger. Dat is een niet te verwaarlozen risico.

Hoe je de taken in jouw gezin verdeelt, is het voorbeeld dat je aan je kinderen geeft. Ik denk dat het gezond zou zijn voor de samenleving als we onze kinderen iets anders laten zien dan wat wij hebben gezien.”

Hoe komt het eigenlijk dat die verdeling zo ongelijk is?

“Dat heeft een aantal oorzaken. Allereerst wordt het gesprek erover niet gevoerd. Ongeveer driekwart van de stellen heeft het niet serieus over hoe ze de werk- en zorgtaken willen verdelen.

Wat dan volgt, is dat de keuze vaak wordt gebaseerd op inkomen. Vrouwen verdienen bijna altijd minder dan hun partners. Mannen zijn meestal ouder en vrouwen hebben vaker typische vrouwenberoepen die minder betaald worden. Deze loonkloof heeft invloed op keuzes die mensen maken – en wordt hierdoor alleen maar groter: in de eerste zeven jaar na de geboorte van een kind verdient een vrouw gemiddeld 46 procent minder dan daarvoor. Ze verliest dus bijna de helft van haar inkomen. Vaders verliezen niks.

Dan hebben we nog genderrollen en -normen: meisjes worden al op jonge leeftijd geconditioneerd om meer te zien, te voelen en te zorgen. Ik denk niet dat vrouwen betere voelsprieten hebben, maar vertrouwen op intuïtie wordt ze op jonge leeftijd al aangeleerd. Als er een kindje komt, moeten mannen dat nog veel meer ontwikkelen. Bij vrouwen spelen hormonen en perfectionisme ook nog een rol, zij willen hun kind dichtbij houden en dingen op hun eigen manier doen. Wat je verder ziet is dat bijna iedereen vindt dat moeders maximaal drie dagen mogen werken, voor vaders is dat minimaal vier. Vaders werken trouwens vaker voltijd dan mannen zonder kinderen, respectievelijk 87 tegen 72 procent.

Het geboorteverlof heeft ook een grote invloed. Voor vaders wordt dit wel uitgebreid, maar het is nog lang niet zoveel als dat van moeders. Moeders hebben op dit moment 16 tot 20 weken betaald zwangerschapsverlof. Vaders krijgen één werkweek betaald vrij en vijf weken 70 procent uitbetaald. Als je een beneden modaal inkomen hebt is dat financieel helemaal niet te bolwerken. Moeders krijgen dus veel meer tijd om in de moederrol te groeien en zorg-vaardigheden in de vingers te krijgen. Daarbij wordt het opnemen van geboorteverlof voor de partner in de omgeving vaak niet toegejuicht.”

Wat kunnen stellen eraan doen om deze verdeling eerlijker te maken?

“Het is heel belangrijk om een serieus gesprek te voeren over hoe je de zorg- en werkzaken wilt verdelen. Ga na wat je waarden zijn, wat je belangrijk vindt, waarom jullie samen een kind hebben gekregen en hoe je dat had voorgesteld. Wat bindt jullie? En ben je ervan bewust dat je als individu en met je gezin onderdeel uitmaakt van een maatschappelijk systeem, waarin allerlei externe factoren (zoals beleid en bedrijfscultuur) jouw persoonlijke keuzes beïnvloeden? Hoe wil je daar mee omgaan als stel? Maak vanuit daar afspraken over hoe je je tijd wilt besteden.

Ook handig: plan een maand (of liever nog: een jaar) vooruit, maak mentale last bespreekbaar en maak afspraken over welke taken wiens verantwoordelijkheid zijn. Uiteindelijk willen de meeste mensen die samen een kind krijgen een team zijn. Dat betekent niet dat we alles samen moeten doen, maar wel meer dan we onszelf permitteren. Als dingen toch niet gaan zoals jullie hadden afgesproken, kaart het dan opnieuw aan.”

Wat kan verder helpen, op hoger niveau – bijvoorbeeld politiek of maatschappelijk?

“Gelijk verlof, gratis kinderopvang en schooltijden die beter aansluiten op werktijden horen bij het takenpakket van de overheid om te zorgen voor een betere werk-zorgverdeling. In Zweden krijgt een stel per kind 480 verlofdagen (waarvan ieder minimaal drie maanden moet opnemen) en is er geen kinderopvang voor kinderen jonger dan een jaar. Daarna is kinderopvang gratis. Dat model is niet perfect, maar draagt wel enorm bij aan gelijkheid tussen mannen en vrouwen. Het doel van gratis kinderopvang is niet alleen dat vrouwen meer gaan werken, maar vooral dat mannen en vrouwen evenveel gaan werken.

In Nederland heeft kinderopvang trouwens een heel slecht imago (duur, grote groepen, slechte kwaliteit, etcetera), daardoor brengen we onze kinderen er niet graag heen. De toeslagenaffaire helpt niet bepaald. Kinderopvang is een geprivatiseerde aangelegenheid, dat zijn vaak gewoon allemaal grote, winstgevende bedrijven. Als kinderopvang gratis is, zullen meer ouders meer uren gaan werken, en heb je dus meer belastinginkomsten. Dat gratis kinderopvang betaald kan worden is allang berekend.

“Het is fijn dat er in Nederland ook veel parttimebanen zijn, het is alleen jammer dat mannen die banen meestal niet hebben”

Nog even over Zweden: veel ouders werken daar allebei fulltime. Het is fijn dat er in Nederland ook veel parttimebanen zijn, het is alleen jammer dat mannen die banen meestal niet hebben. We moeten dus ook voor mannen parttime werk normaliseren.

En ook: we doen alsof zodra mensen op hun werkplek arriveren hun leven ophoudt en ze niks anders zijn dan werkmieren. Dat is natuurlijk onzin. We checken updates van de kinderopvang, zijn mantelzorgers, moeten de loodgieter bellen of we hebben net een kind gekregen. Zoiets heeft een grote invloed op ons leven. Ik denk dat werkgevers daar beter op kunnen anticiperen. Die moeten niet alleen naar loopbaan kijken, maar ook naar levensloop.”

Veel mensen vinden dat Nederlandse vrouwen gewoon meer moeten gaan werken. Sommigen noemen Nederlandse vrouwen zelfs ‘deeltijdprinsesjes’.

“Ik denk dat er ook veel vrouwen zijn die het wel prima vinden. Maar het is te makkelijk om ze te bestempelen als deeltijdprinsesjes, want ze functioneren binnen het systeem waarin het normaal is om zorg en werk scheef te verdelen.

Bovendien is dit een geluid dat vooral met economische belangen te maken heeft. ‘Als vrouwen meer gaan werken groeit de economie’. De vraag is alleen of we ons daarop moeten richten. Is dat de weg die we moeten bewandelen? Je laat dan ook buiten beschouwing dat werk niet zaligmakend is, en dat er veel meer nodig is om de economie draaiende te houden. Zoals reproductieve arbeid en zorg. In de pandemie hebben we gezien dat als de zorg het niet aankan, de economie instort.

“We hebben zo’n welvarende samenleving maar toch gaat het met veel mensen niet goed”

Vijftien jaar geleden voerden we de participatiewet in en moesten mensen meer mantelzorg-taken op zich nemen. Wie zijn dat gaan doen? Surprise! Vrouwen natuurlijk. Maar een samenleving is een gedeelde verantwoordelijkheid, het is te makkelijk om alleen naar vrouwen te kijken voor de oplossing.

In de kern is dit een welzijns- versus welvaartsvraagstuk. We hebben zo’n welvarende samenleving maar toch gaat het met veel mensen niet goed. We zorgen niet goed voor onszelf, voor anderen en het milieu. Hoe kunnen we beter leven in plaats van hoe kunnen we meer geld verdienen? Dat is een veel relevantere vraag.”

Handboek voor een nieuwe rolverdeling

In haar boek ‘In voor- en tegenspoed (maar alleen als jij de afwas doet) (Nijgh & Van Ditmar, 2021)’ gaat Ragna op zoek naar oplossingen voor een betere verdeling. Ze dook in de cijfers, onderzocht de maatschappelijke verhoudingen tussen mannen en vrouwen, én interviewde diverse ervaringsdeskundigen, wetenschappers en experts. Met praktische tools kun je als lezer zelf aan de slag om samen met je partner tot een betere taakverdeling en wederzijds begrip te komen.

Op zoek naar meer inspirerende en prikkelende artikelen? Schrijf je in voor onze wekelijkse nieuwsbrief, dan mis je niks én krijg je ons laatste e-magazine cadeau.

Illustratie headerbeeld: Emma Levie

Marije Remmelink

Door betekenisvolle helden te interviewen of door zelf in de materie te duiken vind ik opheldering over ingewikkelde zaken en leg ik misstanden in de maatschappij bloot. Ik wil laten zien dat en hóe het anders kan, en waarom we dat diep van binnen eigenlijk allemaal willen. Zo kunnen we samen koers zetten naar een sociale, duurzame en vitale maatschappij.

Bekijk alle artikelen van Marije Remmelink
Abonneer
Laat het weten als er

5 Comments
Meest gestemd
Nieuwste Oudste
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
Steun
MaatschapWij
10 EURO
Bij MaatschapWij zetten we al meer dan zeven jaar denkers en doeners in de schijnwerpers die onze samenleving groen, gezond en verbonden maken. Zonder betaalmuur of andere obstakels. En zonder winstoogmerk. Dit collectief kan zonder financiële steun niet bestaan. Veel hebben we niet nodig: elke donatie, hoe klein of groot ook, is welkom. Sluit je aan, we hebben je nodig!
Tuurlijk!
GERELATEERD