Op zoek naar verbinding in een wereld vol ikkigheid

Zodra we Instagram openen krijgen we een inkijkje in andermans perfecte leven, we gaan naar life coaches om ‘de beste versie’ van onszelf te worden en we leren manifesteren. In de wereld van vandaag ligt alles wat we willen – als we het maar écht willen – binnen handbereik. Het leven is maakbaar, controleerbaar, en … perfect. Toch?

“Gott ist tot.” Met deze uitspraak verklaarde Friedrich Nietzsche in 1882 niet alleen dat God dood is, hij riep mensen ook op om zelf op zoek te gaan naar de zin van het leven. Want als God de mens en het leven niet maakt, dan moeten we dat dus zelf doen. Nietzsche werd hiermee het boegbeeld van het existentialisme – een filosofische stroming die stelt dat de mens vrij is en daarom de volledige verantwoordelijkheid heeft over zijn eigen daden en lot.

In het religieuze Europa van de negentiende eeuw waren de uitspraken van Nietzsche beroemd en berucht. Bijna anderhalve eeuw later telt Nederland meer niet-gelovigen dan gelovigen. Het aantal atheïsten (zij ontkennen het bestaan van een god) en agnosten (zij denken dat de mens niet kan weten of er een god bestaat) is sinds de laatste metingen in de jaren zestig en zeventig verdubbeld. En dat maakt Nederland met haar Joods-Christelijke wortels een niet-gelovig land.

Van collectief naar individu

Deze ontwikkeling staat niet op zichzelf. “Sinds de jaren zeventig lopen naast kerken ook veel andere plekken waar mensen zich verenigen leeg”, zegt cultuurfilosoof en geestelijk begeleider Frans Croonen. In zijn boek Geestkracht gaat hij in op deze transitie. “Mensen sluiten zich steeds minder vaak aan bij vakbonden en politieke partijen. In een hele korte tijd zijn we van leven in collectieven naar een veel individualistischer bestaan gegaan.” Dat heeft een grote invloed op ons als mens en samenleving, ziet Croonen. “Zestig jaar geleden werd ons leven nou eenmaal bepaald door de omgeving waarin we geboren werden. Je familie, religieuze achtergrond, in welke stad je woonde en in welke gemeenschap je leefde. Mobiliteit en techniek hebben daar verandering in gebracht. We kunnen zelf kiezen met wie we omgaan, waar we gaan werken en waar we wonen. Kortom: we hebben veel meer invloed op hoe we ons leven kunnen vormgeven.”

Zoektocht naar zingeving

Veel zaken die vroeger een collectieve aangelegenheid waren, worden nu individueel ingevuld. Zo ook de zoektocht naar zingeving. Door secularisering wordt de zin en betekenis van het leven niet meer aangereikt vanuit religie, maar moeten mensen er zelf naar op zoek. Zonder de kaders van religie en tradities kan dat best een uitdaging zijn en zelfs leiden tot crises. Waarom het voor ons mensen dan toch zo belangrijk is? Omdat we allemaal het gevoel willen hebben dat wat we doen zinvol is, dat we gezien worden. Het is een diepe, menselijke behoefte om betekenisvol te leven. Wordt die behoefte niet door een god vervuld, dan moeten we dat dus zelf doen.

Wereld aan mogelijkheden

“We zijn gegaan van ‘God maakt mijn leven’ naar ‘ik maak mijn leven’”, volgens Croonen: “Dat ons leven niet wordt vormgegeven door God of een collectief, heeft absoluut iets bevrijdends. In de vorige eeuw was onze samenleving op veel vlakken heel autoritair en hiërarchisch. Nu kan en mag veel meer. Secularisering geeft ons een reeks aan nieuwe mogelijkheden die er eerst niet waren. Tegelijkertijd brengt het ook nieuwe problematiek met zich mee, vooral bij de jongere generaties. Voor twintigers is het aantal keuzes zo overweldigend dat ze erin verzuipen. Die weten niet eens waar ze moeten beginnen met kiezen. Dertigers hebben een ander probleem: die zijn altijd bezig met of ze wel snel genoeg gaan en of ze wel recht op hun doel afgaan. En alles wat daarin volgens de perceptie niet goed gaat, is je eigen schuld.”

“Er is een wereld aan mogelijkheden en keuzes, maar er is geen plek voor alles wat anders loopt dan gepland”

Daar zit de paradox, verklaart Croonen. Er is een wereld aan mogelijkheden en keuzes. We kunnen zelfs kiezen wie er geboren wordt en wanneer we sterven. De maakbaarheid van het leven lijkt compleet. We zijn onze eigen god. Maar, hoe tegenstrijdig: er is geen plek voor alles wat uiteindelijk anders loopt dan gepland. Iedereen wordt geacht zijn/ haar/ hen ideaal waar te maken en wie daarvan afwijkt heeft gefaald. We mogen niet meer stilstaan en niet meer mislukken, zoiets rekenen we onszelf zwaar aan. Dat is kenmerkend voor de meritocratie waar we in leven. Daarin vertellen prestaties wie je bent. Hoe meer je presteert, hoe succesvoller je bent, hoe hoger je op de maatschappelijke ladder staat en hoe beter je zelfbeeld is. Als het anders loopt in je leven, en je niet of minder succesvol bent, dan doet dat dus wat met je zelfbeeld. Daardoor krijgt iedereen in de westerse wereld op de een of andere manier te maken met de angst om te mislukken. Statusangst, noemt Alain de Botton dat in zijn boek dat hij ook die titel gaf.

Ikkigheid

Onze westerse wereld staat in het teken van ‘ikkigheid’ en autonomie. “’Ik’ is maatgevend en leidend”, ziet Croonen. “Als ik zelf de maat der dingen ben, is alles wat anderen doen – bij wijze van spreken – gek, merkwaardig of onverstandig. In de collectieven van vroeger kwamen we nog wel eens mensen tegen die net iets anders in het leven stonden. Nu leven we in onze eigen bubbel en naar onze eigen ik. Het lijkt wel alsof we andere mensen vermijden. Zelfs een tripje naar de supermarkt is voor sommigen al teveel. Terwijl juist dit soort dingen een sociale functie hebben. Als ik zelf de maat der dingen ben, en mijn eigen god, in hoeverre komt de wereld dan nog bij mij binnen, en kan ik alternatieve geluiden nog interpreteren, nuanceren en meenemen in mijn eigen overwegingen? Sociale media speelt daarin natuurlijk ook een rol, want daar worden enkel de ideeën die je al hebt bevestigd.

“In de ongelukkigheid komen de grootste verbindingen tot stand”

Psychiater en ‘verdrietdoker’ Dirk de Wachter vertelt aan Human dat het ontstaan van het individu in de Verlichting een goede zaak is. Maar dat het is gekanteld naar een teveel aan helemaal alleen alles presteren. In die wedstrijd met onszelf dreigen we de ander te vergeten. En daarmee verliezen we ook het besef dat de mens juist een heel verbonden en samenhorig wezen is. “Om te kunnen zijn, hebben we de ander nodig. Juist op de dagen waarop we ons niet goed voelen, is de ander nodig. Dan is het erg belangrijk − en mooi ook − dat er iemand is die luistert en troost. Paradoxaal genoeg wordt dat ongelukkige dan juist iets moois, door die liefde en medemenselijkheid. In de ongelukkigheid komen de grootste verbindingen tot stand.”

Een klein beetje verdrietig

Misschien is er inderdaad geen god die ons leven tot in detail heeft uitgedacht nog voordat we geboren werden. Maar we moeten niet vergeten dat ondanks dat, en ondanks onze eigen verantwoordelijkheid, er ook dingen zijn waar we geen invloed op hebben. Omgeving, genen en pech, bijvoorbeeld. In feite is het leven een stuk minder maakbaar dan we denken. Onze uitdaging is niet om het zo leuk en goed mogelijk te maken, de uitdaging zit hem in accepteren dat – in de woorden van De Wachter – “ons dagelijkse leven af en toe een klein beetje gewoon en een klein beetje verdrietig is.” En dat is oké. En ook, zo ziet Croonen, áls we dan in een crisis raken, weet dan dat juist in het duister, daar waar het eng is en waar we liever niet zijn, we de antwoorden vinden die we zoeken. Die ons vertellen waar onze kracht zit en ons vormen tot wie we zijn. Want in die ongelukkigheid vinden we niet alleen verbinding met anderen, maar ook met onszelf.

Amor fati, dus. Om maar in Nietzsches woorden te blijven.

Iedere week meer tips en artikelen vol blikverruimende kennis in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang gratis ons nieuwste e-magazine. Inspiratie gegarandeerd!