Welkom op het snelst groeiende inspiratieplatform voor een socialer en duurzamer Nederland

Naar Barcelona met de trein, waarom dat zo waardevol is

11 juli 2019 -

Dagelijks lozen talloze vliegtuigen duizenden toeristen Barcelona in. Ook ik bezoek de Catalaanse hoofdstad ieder jaar. Sinds 2017 doe ik dat met de trein. “Is dat niet heel duur? En kost dat niet veel tijd?” vragen mensen mij. Waarop ík me weer afvraag of dat de vraag is die we ons moeten stellen. Moeten we ons niet afvragen waarom vliegen zo goedkoop is? En, of met de trein gaan juist niet heel waardevol is?

Eind 2016 was ik als documentairemaker met interesse voor duurzaamheid bij de klimaattop in Rotterdam. Tijdens de lunchpauze vroeg iemand of ze mijn CO2-footprint mocht meten. Kom maar op! Zonnepanelen vers op mijn dak, huis van label F naar label A geïsoleerd en ik eet bijna helemaal vegetarisch, ik kan trots zijn – dacht ik. Niets bleek minder waar: de CO2-uitstoot van mijn drie Europese retourvluchten in dat jaar lag op bijna 2 ton. Die zonnepanelen op mijn dak doen er anderhalf jaar over om zo’n uitstoot te besparen.

Om de aarde onder de 1,5 graden opwarming te houden moeten we met z’n allen flink aan de bak om onze CO2 emissies drastisch naar beneden te brengen. Steeds meer overheden, bedrijven en burgers committeren zich aan deze ambitie en komen in actie. Maar de luchtvaart dendert roekeloos door en zal aan het eind van deze eeuw zijn uitstoot bijna vervijfvoudigd hebben. Die uitstoot is daarmee groter dan die van de rest van de wereld bij elkaar.

Is dit een grap? Helaas niet.

Dit wetende kwam de jaarlijkse traditie om met mijn beste vrienden San Juan in Barcelona te vieren in gevaar. Want once you see it, you cannot unsee it; ik kon ik het niet over mijn hart verkrijgen om een vliegticket te boeken. Maar ons waardevolle tripje opofferen, dat ging echt te ver. Kon dat niet anders? Zeker wel. Dus deed ik het anders. Ik ging met de trein. Een van mijn vrienden was direct enthousiast en reisde de terugweg met mij mee.

Luchtvaart CO2-uitstoot

Ja, ik betaalde bijna € 300,- voor een retourtje. Een enkele reis zou bijna twaalf uur duren. Even slikken als je bedenkt dat je in amper zeven uur ook van je eigen huis naar de deur van je appartement in Barcelona kunt reizen. Voor € 120, met een beetje mazzel. Maar niet alleen vond ik dit wel een leuk experiment, als bewuste wereldburger had ik die € 300 en 12 uren er wel voor over. Zeker toen ik de ervaring eenmaal rijker was. En dit is waarom:

1. De volgende generatie (en de overheid) betaalt jouw ticket

Allereerst: vliegen is niet goedkoop. De prijzen van vliegtickets worden kunstmatig laag gehouden. Veel overheden subsidiëren vliegvelden en vliegtuigmaatschappijen, en over kerosine wordt geen belasting betaald. Want omdat vliegverkeer internationaal is, is afspraken maken daarover lastig. Maar dat iets lastig is betekent niet dat het onmogelijk is. Kijk maar naar wat we met de klimaattop voor elkaar hebben gekregen.

We vliegen heel veel en dat brengt de aarde enorme schade toe. De kosten voor het herstellen van deze schade is niet meegerekend in de prijs van een vliegticket. De werkelijke kosten van een vliegticket leggen we zodoende neer bij een volgende generatie. Zouden maatschappijen hun prijs baseren op true cost pricing, dan stijgt de prijs van een vliegticket naar een hoogte die tot veel minder vliegbewegingen zal leiden. En die alternatieven zoals de trein aantrekkelijk maakt. Grote accountant bureaus als EY werken hard om goede true cost modellen te ontwikkelen. Zij zien – net als veel koplopers in het bedrijfsleven, de financiële sector en binnen overheden – dat deze ‘business as usual’ niet toekomstbestendig is. Want als we zo door gaan wordt de toekomst buitengewoon schraal. Overheerst door schaarste, sociale onrust en angst. Ik verbaas mij er dagelijks over dat we dit ondertussen allemaal wel weten maar niets doen. Als hertjes staren we in de koplampen van de aansnellende vrachtwagen.

2. De rem moet van de luchtvaarttransitie

Linksom, rechtsom of dwars door het midden; de luchtvaartsector moet op de schop. De druk op de sector om zich – net als iedere andere sector – te committeren aan het Klimaatakkoord van Parijs neemt toe. De luchtvaartsector is daar zelf ook bij gebaat, want iedere dag dat de sector langer wacht met het inzetten van de transitie nemen de risico’s voor de bedrijfsvoering toe. Denk bijvoorbeeld aan het versneld moeten afschrijven van ‘fossiele’ vliegtuigen. De transitie blijft ook beter controleerbaar als je zo snel mogelijk de eerste stappen zet. Wacht niet met het dempen van de put tot het kalf verdronken is.

Waarom haalt de sector zelf de rem niet van de transitie? Daar zijn veel antwoorden op te geven. Een ervan is: de incentive ontbreekt. De technieken voor elektrisch vliegen zijn er in de basis, maar het kost heel veel geld om deze door te ontwikkelen. En hoe verantwoord je aan aandeelhouders de versnelde afschrijving van dure ‘fossiele’ vliegtuigen en infrastructuur? Daarbij houdt de overheid de luchtvaartsector de hand boven het hoofd, want ja… die economische groei is ook aantrekkelijk. Natuurlijk moet in de transitie rekening worden gehouden met het economisch belang van de luchtvaartsector maar de huidige prioriteit lijkt mij verkeerd.

Is het een kwestie van geduld? Misschien, en een transitie verloopt niet van de een op de andere dag. Maar laten we de tijd dan wel nuttig gebruiken en nú een start maken. Dat betekent meer dan sturen op minder brandstofgebruik per vliegbeweging terwijl je een toename van het aantal vluchten stimuleert. Er is een rol voor iedereen.

Internationale politiek

De internationale politiek moet de luchtvaartsector dwingen zich te committeren aan het Klimaatakkoord van Parijs. Kerosine internationaal belasten en true cost pricing doorvoeren is geen makkelijke noch een onmogelijke opgave. Helaas is er nog weinig animo voor een Europese vliegtaks, maar Frankrijk geeft het goede voorbeeld en voert volgend jaar vliegtaks in voor vertrekkende vluchten vanuit het land. De 182 miljoen euro die het land daarmee verwacht op te halen wordt geïnvesteerd in groen transport.

Luchtvaartsector

Door samen met overheden en de financiële sector de transitie in te zetten hou je de risico’s laag en de transitie controleerbaar. Als de ‘purpose’ van luchtvaartbedrijven is mensen zo snel, comfortabel en veilig mogelijk van A naar B te vervoeren dan zijn er ook andere manieren om dat te doen dan met ‘fossiele’ vliegtuigen.

Spoorwegmaatschappijen

Voor spoorwegmaatschappijen liggen er mooie kansen, maar die moeten ze wel pakken. Door te investeren in nieuwe bestemmingen, kortere reisduur en betere service wordt treinreizen een alternatief dat daadwerkelijk aantrekkelijk is. Internationale samenwerking is daarvoor een voorwaarde.

Financiële sector

De financiële sector kan de ontwikkeling van elektrisch vliegen of alternatief vervoer bevorderen. Tegelijkertijd kan de sector stoppen met het financieren van luchtvaartmaatschappijen zolang zij zich niet aan het Klimaatakkoord van Parijs committeren. Of hoge eisen stellen aan duurzame ambities.

Vliegklant

De vraag is altijd: wat kan ik doen als consument? Het antwoord is simpel: wacht niet op de overheid of op de luchtvaartsector, maar neem je eigen behoeftes eens onder de loep. Als je die derde citytrip in het jaar niet doet, heb je het dan echt slecht? Zijn de bestemmingen niet vaak slechts het decor voor waar het echt om gaat; tijd en aandacht voor elkaar? Misschien vind je dichter bij huis ook een prima decor. Wil je toch naar een Europese stad, overweeg dan met de trein te gaan.

Wat langer moeten sparen voor je ticket maakt de voorpret alleen maar langer. En zie de extra reistijd als quality time. Als je het gedicht Ithaka van Kavafis leest, begrijp je dat de reis minstens net zo waardevol is als de bestemming.

Als je de tocht aanvaardt naar Ithaka

wens dat de weg dan lang mag zijn,

vol avonturen, vol ervaringen.

Collectief én persoonlijke win

Terug naar mijn retourtje Barcelona met de trein. De CO2-uitstoot van een retourtje Barcelona met het vliegtuig (vanuit Amsterdam) is 522 kg per persoon. Die van een retour met de trein 38 kg. Als alle 1,5 miljoen mensen die jaarlijks van Amsterdam naar Barcelona vliegen, dat met de trein zouden doen, scheelt dat 730 miljoen kg CO2-uitstoot. Dat is net zoveel als de uitstoot van ruim 30.000 huishoudens per jaar. Of de besparing op CO2-uitstoot van 7 miljoen zonnepanelen.

Me realiseren dat ik bijdraag aan die besparing, of eigenlijk het besef dat ik de toekomst van mijn kinderen net wat beter leefbaar maak, is mijn persoonlijke gewin. En dat is onbetaalbaar. Ik kreeg er ook iets anders voor terug. Namelijk tijd. 12 uur lang alleen in de trein; tijd voor een boek, eindelijk die Spotify lijst afluisteren, langzaam afkoppelen van een drukke agenda en een druk gezinsleven, een beetje soul searchen, van het landschap genieten. Zelfs toen de terugweg compleet in de soep liep door een uitvallende trein kregen we daar wat voor terug: volop tijd om bij te praten, nieuwe mensen ontmoeten, op avontuur door Frankrijk en dineren op een Parijs’ terras in de zon. Dat neemt niemand ons meer af.

Op Eco-reizen vind je alles voor een duurzame reis en hop: dit zijn 13 duurzamere bestemmingen voor je bucketlist. Binnen de landgrenzen blijven kan natuurlijk ook.

Iedere week een flinke dosis positiviteit en blik-verruimende kennis in je mailbox? Schrijf je in voor onze nieuwsbrief. Inspiratie gegarandeerd.

Help je mee heel Nederland te inspireren een steentje bij te dragen een socialer, rechtvaardiger en duurzamer maatschappij? Word dan vriend van MaatschapWij.

Tekst door: Jeppe van Pruissen

REAGEER