Welkom op het snelst groeiende inspiratieplatform voor een socialer en duurzamer Nederland

Stoppen met vlees eten om de wereld te redden? Hoeft helemaal niet.

30 augustus 2018 -

“Wil jij echt bijdragen aan een betere wereld? Stop dan vandaag nog met vlees eten!” Voor de meesten van ons makkelijker gezegd dan gedaan. Van alles naar niets is vaak een te grote sprong. De laatste tijd waait er een fris geluid door deze discussie: de wereld is helemaal niet gered als we allemaal ineens vegetariër worden. Goed nieuws voor de verstokte vleeseters? Nou, dat ligt iets genuanceerder. Een verkenning, inclusief toekomstbestendig menu. 

Naar verwachting zijn we in 2050 met zoveel mensen dat de wereldwijde vleesconsumptie met 70 procent is gestegen. En da’s geen goed nieuws, want de mondiale veeteelt is verantwoordelijk voor bijna 15 procent van alle aan menselijk gedrag gerelateerde broeikasgassen. Babette Porcelijn stelt in haar boek De Verborgen Impact dat vlees eten na ‘spullen’ de grootste negatieve impact op ons klimaat heeft. Dat komt voornamelijk door de enorme hoeveelheden veevoer die we verbouwen. Voor de productie van één kilo biefstuk is gemiddeld 25 kilo voer nodig.

Nog een paar nieuwsfeiten: als alle Europeanen in één klap vegetarisch zouden gaan eten, behaalt de EU al voor 2020 de helft van haar milieudoelstellingen. En als de hele wereld helemaal geen dierlijke producten meer zou eten, dan is het broeikaseffect in 2050 circa 20 procent minder sterk.

Als je dat allemaal leest lijkt accuut stoppen met vlees consumeren een no-brainer, toch? Nou, daar valt over te twisten.

Vleesarm in plaats van vleesloos

Journalist Evert Nieuwenhuis verdiepte zich voor De Correspondent in deze ingewikkelde materie en publiceerde er verschillende artikelen over. Een van zijn (verrassende) conclusies: een beetje vlees eten is juist duurzaam. Uiteraard belast de huidige vorm en omvang van veeteelt de aarde veel te zwaar, maar ook het produceren van dierloze alternatieven veroorzaakt extra milieueffecten. Denk onder andere aan dierlijke vetten die vervangen moeten worden moeten worden door plantaardige oliën zoals palmolie, waarvoor (heel) veel regenwoud wordt gekapt. Stappen we met z’n allen over op een vleesarm dieet (maximaal 43 gram rood vlees per dag) dan is de mondiale uitstoot van voedselgerelateerde broeikassen in 2050 met 7 procent toegenomen, in plaats van met 51 procent. Af en toe vlees eten past dus wel degelijk in een milieubewust dieet.

Het menu van de toekomst

Het menu van de toekomst bestaat uit weinig vlees en veel groenten. In het ‘Menu van Morgen’ van Natuur & Milieu is ruimte voor 30 tot 66 gram vlees per dag. Ook in de zoektocht naar milieubewust eten van Trouw concludeert Corné van Dooren van het Voedingscentrum in Den Haag: “Het staat buiten kijf dat een plantaardig voedingspatroon gemiddeld een lagere impact heeft dan een eetpatroon met vlees. Maar het ideaal ligt niet bij nul vlees eten, maar bij weinig vlees eten. Helemaal als we de grond benutten waar deze voor bedoeld is, vee voedselreststromen laten eten en zelf groenten en fruit eten van dichtbij.” 

Het menu van de toekomst is zelf trouwens ook niet toekomstbestendig: in 2050 is de aarde is dichter bevolkt en de klimaatverandering duidelijk merkbaar. Het menu bevat dan waarschijnlijk minder frisdrank, alcohol, kaas en andere zuivel. En vrijwel geen vlees meer.

Van vlees naar flexi naar vega

Voor mensen die in één klap overschakelen naar een vega(n) dieet een te grote stap vinden is er dus voorlopig goed nieuws: ook minder vlees eten zet zoden aan de dijk.  Een ‘flexitarisch’ dieet is voor veel mensen een goede tussenweg of tijdelijk station. Van Dooren stelt dat het een goede richtlijn is om minder dan de helft van je eiwitten uit dierlijke producten te halen en tachtig procent van je granen, oliën, groente en fruit uit de regio te halen, aangevuld met producten van elders.

Als je bewust met je (vlees)consumptie om wil gaan (hier lees je hoe je diervriendelijk kiest) is het goed om te weten dat de ene keuze meer impact heeft dan de andere. Allereerst: het kiezen van plantaardig boven dierlijk voedsel heeft de meeste impact. Daarna waar het vandaan komt en tenslotte of het biologisch is of niet. Ook niet vergeten: Per portie (120 gram) hebben rund, varken en kip respectievelijk 1800, 630 en 480 liter water nodig (Bron: De Verborgen Impact van Babette Porcelijn). Dit wetende smaakt een Hollands biologisch kippetje toch veel beter dan een steak uit Argentinië?

Bewust vlees eten, het kan echt

Wil je toch rundvlees eten, kijk dan naar biologisch rundvlees dat uit Nederland komt waarbij ze de koe van kop tot staart gebruiken. Je opties zijn dan bijvoorbeeld:

  • Crowdbutching: Koop samen met anderen een koe die pas geslacht wordt als ze helemaal verkocht is. Bijvoorbeeld bij Koopeenkoe. De koe wordt gebruikt van kop tot staart. Het vlees is traceerbaar, natuurlijk en de koe heeft een goed leven gehad. Via Koop een koe koop je ook dubbeldoel (melk en vlees) of biologische koeien. Je kunt in plaats van een koe ook een kip of een varken Andere opties zijn De Vrije Koe en SamenEenKoeKopen.
  • Mannenvlees: We eten voornamelijk vlees van vrouwelijke dieren. Bokjes, haantjes en stieren worden gezien als ‘bijproduct’, ze produceren immers geen melk of eieren. Deze dieren worden zo snel mogelijk afgemaakt of geëxporteerd. Wat een verspilling, je kunt deze dieren gewoon eten! Kijk eens op De Lekkere Man of check het Mannenvlees project op FoodUp Brabant.
  • Natuurvlees: Runderen van De Woeste Grond lopen het hele jaar buiten in het natuurgebied voor onderhoud van het gebied. Het vlees is meukvrij, ofwel vrij van antibiotica, e-nummers, suiker en gluten. Grasgevoerd natuurvlees waarvan je weet waar het vandaan komt.

Tekst door: Marije

REAGEER