
Zin in de samenleving: reflecties van Bob de Wit
In de serie Zin in de Samenleving belichtten Ward Huetink, Lia Hol en Ellen Klaver voor MaatschapWij het afgelopen jaar tien plekken van betekenis, verzet en perspectief. Een viertal wetenschappers duiden de tien hoopvolle initiatieven vanuit hun expertise. Naast reflecties van Christa Anbeek, Laurens ten Kate en Hans Alma is het nu de beurt aan Bob de Wit, emiritus-hoogleraar Strategisch Leiderschap aan de Nyenrode Business Universiteit.
De tien plekken van betekenis, verzet en perspectief op een rij: Afrikaanderwijk Coöperatie, D3rde Verdieping, Eten met Zin, Extinction Rebellion, Lenteland, Repair Café de Bieb, Simonshuis, Sites of Memory, Stadsklooster Haarlem en The School for Moral Ambition.
Bob, je voorziet dat in de nieuwe digitale samenleving die je in je boeken schetst, nieuwe regionale initiatieven en gemeenschappen een grote rol spelen. Kun je ons uitleggen hoe je dat ziet?
“Regionale initiatieven zijn in de nieuwe samenleving van cruciaal belang. Ik herken in de initiatieven die jullie schetsen voorbeelden daarvan. Om dat duidelijk te kunnen maken, moet ik eerst toelichten wat ik bedoel met Society 4.0, de samenleving waarnaar we op weg zijn.
In de geschiedenis hebben we al een aantal keren een andere samenleving gebouwd. Society 1.0 (S1) was de agrarische samenleving, met grondbezit als de belangrijkste vorm van waardecreatie. In society 2.0 (S2) draaide het om handel. Society 3.0 (S3) is het industriële tijdperk en daarin werd industriële massaproductie onze belangrijkste bron van waardecreatie, met olie als grondstof. De overheid, de fiscale systemen, het rechtssysteem, eigenlijk alle onderdelen van onze samenleving zijn hierop gebouwd. Dit is de samenleving zoals we die kennen. Society 4.0 (S4) gaat er heel anders uitzien. De belangrijkste grondstof daarvan is big data.
We leven nu in de periode tussen S3 en S4 in en dus in de overgang naar een ander tijdperk. In zo’n periode leef je in twee systemen tegelijk: de afbraak van het ene en de opbouw van het andere systeem. Ik heb de eerdere overgangen tussen samenlevingssystemen bestudeerd. In deze perioden blijkt het altijd zeer onrustig te zijn geweest en bestonden er tegenstrijdige maatschappijbeelden naast elkaar. Een overgang is een heel onzekere tijd. Juist dan staan er mensen op die misbruik maken van de gelegenheid en de macht grijpen. Je kunt dit zien als een natuurwet. Net als een boom die een groeiperiode en een vervalperiode doormaakt, zo hebben samenlevingen dat ook. Een boom trekt in de groeiperiode andere dieren, planten en insecten aan dan in de afbraakperiode. Wij zijn geneigd om alles van de groeiperiode te zien als mooi en goed. De pissebedden en schimmels daarentegen, die de boel opruimen en de resten van de boom transformeren tot humus, zien we eerder als ongewenst, noemen we ongedierte. Dat zegt iets over ons, niet over die organismen. Die ruimen op, creëren voeding voor de volgende fase, maken ruimte. In de overgang naar een andere samenleving móeten er dingen afgebroken worden, móeten er dingen fout gaan, ontstaan er crisissen omdat mensen zich verzetten tegen verandering. De mensen die als laatste belang hebben bij verandering zijn de bestaande machthebbers. Zij trekken juist nog meer macht naar zich toe om hun positie vast te houden.”
Zie jij de overgang naar een volgende samenleving als een noodzakelijk en autonoom proces of kunnen de bestaande politieke machthebbers in de wereld hun positie bestendigen en deze verandering tegenhouden?
“Dat laatste lijkt me zeer onwaarschijnlijk, omdat de grootste bedrijven in de wereld inmiddels meer macht en middelen hebben dan natiestaten. Ook daarin is een ontwikkeling zichtbaar. Als je kijkt naar verschillende samenlevingen in de geschiedenis, zie je een verschil in de schaal waarop mensen leven en opereren. In S1 was die schaal regionaal. Dat had te maken met de middelen waarmee mensen zich konden vervoeren: paard en wagen en trekschuit. In S2 werd dat de schaal van provinciën, denk aan de Republiek der Zeven Provinciën. In het industriële tijdperk, S3, reizen we met auto en vliegtuig en werden landen belangrijk. Via de Europese Unie maken we een volgende schaalvergroting door naar een mondiale samenleving. Die schaalvergroting van regionaal naar mondiaal is de ene ontwikkeling. Tegelijkertijd maken we door technologische ontwikkelingen een tegengestelde beweging door. We hebben geen massaproductie meer nodig voor onze spullen. Door technieken als 3D printen en blockchaintechnologie kunnen we 80 procent van onze spullen straks gewoon in onze eigen regio produceren. Dat regionale zie ik ook in jullie initiatieven terugkomen. De burger heeft daarin weer een rol.
Je ziet dus twee ontwikkelingen tegelijkertijd: een beweging naar mondiaal en een beweging naar regionaal niveau. De niveaus die er in ons deel van de wereld op dit moment tussen zitten, de EU en het land Nederland, zijn dan eigenlijk overbodig. En precies die niveaus hebben nu de macht.”
Mondialisering lijkt een proces van centralisatie, waarin steeds grotere machtsconcentraties ontstaan. Regionalisering is juist een bottom-up proces dat tegen die concentratie ingaat. Zit daar spanning tussen?
“Bij het bouwen van een nieuwe samenleving is er altijd spanning geweest tussen mensen die dat top-down willen doen met controle als middel en mensen die dat van onderop willen laten ontstaan in vrijheid. In de S1 samenleving had je de landheer met zijn onderdanen, een duidelijke top-downsamenleving. In S2 draaide het om en stond vrijheid centraal. Dat was een rijke periode voor ons gebied, in meerdere opzichten. We noemen het de Gouden Eeuw. Die vrijheden maakten dat we konden zijn wie we wilden. Burgers pakten die vrijheid op en gingen de wereld over. Dat had natuurlijk ook een keerzijde, omdat we onszelf superieur achtten aan andere mensen, met alle gevolgen van dien. Dat is niet goed geweest. In de overgang naar S3 maakte Thorbecke een systeem waarbij hij beide belangen, controle en vrijheid, combineerde. Hij legde de basis voor de Nederlandse parlementaire democratie waarmee de vrijheden voor burgers werden beschermd. Maar ook gaf hij de koning een positie terug, maar wel met een beperking van macht in de vorm van de constitutionele monarchie. Hij wist een evenwicht te creëren tussen de behoefte aan controle van de machthebber en behoefte aan vrijheid van de burger. We zitten in de huidige overgang opnieuw in een dergelijk spanningsveld. Op mondiaal niveau is de macht in handen van een aantal grote bedrijven en grote ngo’s die niet democratisch georganiseerd zijn. Zij geloven dat een top-downbenadering hun belangen het beste zal dienen en zullen ernaar streven om zoveel mogelijk macht op mondiaal niveau te beleggen.
En vergeet niet, de grootste bedrijven ter wereld zijn gericht op het creëren van aandeelhouderswaarde. Zij volgen daarin Milton Friedman, Nobelprijswinnaar voor de economie, die zegt dat bedrijven de taak hebben om zoveel mogelijk financiële waarde te creëren. Zo zijn ze losgekoppeld van andere vormen van waarde die daarmee het onderspit delven en er schade van ondervinden. De effecten daarvan zie je op wereldschaal terug, bijvoorbeeld de PFAS in de bodem en het plastic in de oceaan. Daar moeten we echt iets aan doen. Vanuit deze manier van denken zien bedrijven dat niet als hun verantwoordelijkheid. De aandeelhouders zullen daarom zelf niet in actie komen om dat te veranderen.”

Bob de Wit
Wie moet er dan in actie komen volgens jou en wat zouden ze moeten doen?
“Veel mensen zeggen nu dat we moeten strijden tegen deze grote bedrijven en NGO’s die op ondemocratische wijze macht centraliseren. Anderen willen er niets meer mee te maken hebben, onttrekken zich aan het systeem en creëren een parallelle samenleving. Mijn alternatief is een andere. Ik zie wat er nu gebeurt als een autonome ontwikkeling die er nu eenmaal is. Globalisering is realiteit, of je het nu leuk vindt of niet. Ik denk dat we een nieuw evenwicht nodig hebben tussen het mondiale en het regionale. We hebben behoefte aan een nieuwe Thorbecke die een systeem creëert waarin beide vormen gecombineerd worden en de verschillende belangen worden verenigd, een nieuw Huis van Thorbecke met een nieuwe machtsbalans.”
“We hebben een nieuw evenwicht nodig tussen het mondiale en het regionale”
Op regionaal niveau is er ook wel wat aan de hand. Veel mensen voelen zich machteloos, niet meer verbonden met elkaar. Bestaande maatschappelijke instituties, zoals kerken en vakbonden, spreken hen steeds minder aan. Die hebben steeds minder mobiliserende en verbindende kracht. Hoe komen we nou tot samenwerkingsverbanden op regionaal niveau die krachtig genoeg zijn om weerstand te kunnen bieden aan die grote, machtige organisaties?
“Dat gebeurt door zelforganisatie. Als we er even vanuit gaan dat mijn visie klopt, dan worden regio’s en gemeenschappen weer belangrijker. Mensen zoeken elkaar op en hebben behoefte aan zingeving, willen weer weten waarvoor ze de moeite eigenlijk doen. Zij willen echter wel een vorm van zingeving die niet meer aangereikt wordt door een top-down leider, zoals de paus. In jullie inventarisatie van initiatieven zie je daar voorbeelden van, zoals eigen lokale manieren van voedselproductie, andere manieren van samenleven, nieuwe regionale samenwerkingen, bij elkaar komen rond levensvragen als vorm van eenzaamheidsbestrijding, mentale gezondheidsbevordering en suïcidepreventie en coöperaties als organiserend systeem.
Het zijn allemaal antwoorden op een kapot systeem, voorbeelden van een andere manier van samen-leven. Ik zie het ook in de manier waarop mijn dochter haar leven inricht. Zij hecht veel minder waarde aan een diploma en meer aan ervaring. Zij zoekt geen huis dat veel te duur is, maar heeft een bus gekocht waarmee ze rondreist en ze werkt waar ze op dat moment is. Ik kijk veel naar jonge mensen, omdat zij al in de toekomst leven.
“Ik kijk veel naar jonge mensen, omdat zij al in de toekomst leven”
In een overgangsperiode zijn er ook veel mensen die het zwaar hebben, buiten de boot vallen of het niet meer zien zitten. Dat beschrijven jullie ook. Bij Extinction Rebellion zetten ze die emoties om in actievoeren. In mijn ogen is dit initiatief anders is dan de andere, omdat het niet bouwt aan de nieuwe samenleving, maar vecht tegen de bestaande orde. Ik denk dat dit een kansloze benadering is. Over The School for Moral Ambition ben ik ook ambivalent. Deze mensen werken aan oplossingen voor door de organisatie voorgeschreven problemen. Voor mij is dit te veel gedicteerd van boven. Ik vind het echter wel een bouwproject en het is gegrondvest op deugden. Dat spreekt me aan. Van die oude deugden, ooit gepromoot door alle religies, van zorgen voor elkaar en medemenselijkheid, maken ze weer werk. Dit heeft echt te maken met het ontwikkelen van de spirituele mens. Wij noemen dat Mens 4.0.”
Wat bedoel je met Mens 4.0?
Een van de effecten van de industriële samenleving is dat we onszelf zijn gaan zien als individuen die in concurrentie zijn met elkaar. We zijn ons daar ook naar gaan gedragen. We zijn een productiefactor geworden. Dit heeft ons welvaart gebracht, maar tegen een hoge prijs. We groeien nu toe naar een veel vloeiendere ‘zwerm-samenleving’, waarin we als autonome mensen aan de samenleving deelnemen, met elkaar delen en met passie samenwerken. Dit alles om niet alleen welvaart, maar ook welzijn te creëren. Ik ben ervan overtuigd dat AI veel werk dat we nu doen gaat overnemen. Velen zullen hun status en sociale identiteit verliezen. Meer en meer zullen we geconfronteerd worden met fundamentele levensvragen: Wie zijn wij, waarom zijn we hier? Wat betekent het om mens te zijn? Hoe leef ik mijn leven en wat is zinvol werk in de wereld van morgen? Dit zijn vragen die de mensen in veel van jullie beschreven initiatieven adresseren.”
Bob de Wit (1957) is emeritus-hoogleraar Strategisch Leiderschap aan de Nyenrode Business Universiteit. Hij verdiepte zich de afgelopen twintig jaar in maatschappelijke transitieprocessen en de invloed van artificiële intelligentie (AI). Onlangs gaf hij een afscheidsrede met de titel ‘De ontknoping van de samenleving: leidt AI naar ware vrijheid?’ In zijn boeken Society 4.0, Democratie 4.0 en Regio 4.0 beschrijft hij zijn visie op de toekomst en betoogt hij dat we op weg zijn naar een andere samenleving: de digitale samenleving.
Tekst door Ward Huetink (programmacoördinator/onderzoeker bij Socires), betekenisondernemer en (loopbaan)coach Lia Hol en onderzoeker Ellen Klaver.
Dit artikel verscheen eerder in Zin in de Samenleving, een publicatie van Vrijzinnigen Nederland en Socires. Samen ontwikkelden zij het programma Structuren van Zingeving, een zoektocht naar nieuwe plekken van ontmoeting en zingeving.
Vrijzinnigen Nederland is een levensbeschouwelijke vereniging die vrijdenkers en zinzoekers verbindt. Socires is een onafhankelijke denktank gevestigd in Den Haag.


