Individu zkt. gemeenschap (of was het omgekeerd?)

4 juni 2024 DOOR Gastauteur Verbonden LEESTIJD: 6 MIN

Laat ons beginnen met een kort gedachtenexperiment. Stel dat de welvaartsstaat nooit heeft bestaan. Vergeet de minimumlonen, sociale huisvesting, pensioenen, uitkeringen of onderwijs en gezondheidszorg tegen een billijke prijs. En negeer dus gerust alles wat ruikt naar het creëren van kansen via de herverdeling van publieke middelen. Met welke pitch of slogan krijgen we onze opzet vandaag dan verkocht? 

We zouden misschien verwijzen naar het feit dat mensen gelijkwaardig zijn en dat we in principe niemand zomaar achterlaten. Dat we de sociale grondrechten willen respecteren en dat elk individu recht heeft op de uitbouw van een menswaardig bestaan. Dat velen op een bepaald moment door pech of door de omstandigheden waarin ze opgroeien een duwtje in de rug nodig hebben. Dat we er gewoon ook zelf baat bij hebben om individuele risico’s, zoals ziekte of ouderdom, te collectiviseren. Of dat het gezamenlijke vangnet ons als gemeenschap zelfs mee kan behoeden voor de nefaste gevolgen van armoede en de lokroep van polarisering en tirannie.

Zo’n oefening oogt op het eerste zicht misschien wat abstract of voor sommigen zelfs banaal maar ze is in ieder geval niet zonder betekenis.

Want hoeveel mensen kunnen we vandaag nog echt overtuigen van de kracht, effectiviteit en noodzaak van een brede herverdeling via het sociaal beleid? Hoe raken we voorbij het idee dat er vooral bespaard moet worden of dat mensen best wel wat meer zelfredzaam mogen zijn? Welke invulling willen we dus geven aan een complex begrip als solidariteit? En met welke groepen of mensen voelen we ons eigenlijk voldoende verbonden om solidair te zijn?

“Met welke mensen voelen we ons voldoende verbonden om solidair te zijn?”

In elke welvaartsstaat stelt zich dus een vraag naar gemeenschapsvorming, of naar het smeden van een vorm van eenheid in verscheidenheid.

Poreuze verbindingen
Herman Tjeenk Willink heeft het in zijn boek Groter denken, kleiner doen treffend over de nood aan essentiële maar vaak ook poreuze verbindingen in onze snel evoluerende samenleving. Het zijn volgens hem verbindingen waarvoor iedereen die deel uitmaakt van een gemeenschap medeverantwoordelijk is maar daardoor ook niemand echt specifiek aanspreekbaar kan worden gehouden. Het is dus de gemeenschap die het individu mee beschermt en optilt maar op haar beurt ook altijd gedragen moet worden door de energie en de ideeën van al diegenen die er op dat moment zelf deel van (willen) uitmaken.

En net daarom is het cruciaal dat we praktijken zichtbaar maken die bijdragen aan het publieke meningsverschil over hoe we die collectieve bedding willen inrichten en gebruiken.

“Het gaat over de vele inspanningen die dagelijks een verschil maken voor diegenen die tussen de mazen van het net vallen”

Het gaat over de vele inspanningen van individuele burgers, geëngageerde hulpverleners, ambtenaren en politici maar ook van verenigingen of organisaties die dagelijks een verschil willen maken voor al diegenen die tussen de mazen van het net vallen. Terwijl die stapjes soms weinig spectaculair ogen, zijn ze wel degelijk talrijk en bovendien erg betekenisvol. Toch voor wie ze wil zien. Want al die individuen en maatschappelijke organisaties verbeelden werkbare alternatieven voor bestaande logica’s of procedures en zoeken tegelijk ook verbinding met anderen. Het laat hen samen toe om de beoogde verandering soms ook structureel te verankeren, bijvoorbeeld in hun team, organisatie of sector maar dus evengoed in het overheidsbeleid.

Voorbeeld uit Vlaanderen
Laat ons dat alvast even illustreren met een concreet voorbeeld uit Vlaanderen.
In 2020 kocht een buurtgroep in Gent samen een huisje aan. Voor de renovatie bundelden ze eerst de krachten met Wooncoop, een coöperatieve woongenootschap, om de woning daarna doelbewust te verhuren aan een gezin van erkende vluchtelingen. Want zodra asielzoekers in België worden erkend als vluchteling, hebben ze geen recht meer op opvang en moeten ze binnen de vier maanden zelf een (huur)woning vinden. Maar dat blijkt in de praktijk niet evident, terwijl een stabiele huisvesting net een belangrijke opstap is om zich te integreren. Maar omdat ze dus nog niet (voldoende) geïntegreerd zijn, blijven sommige verhuurders terughoudend om een woning toe te kennen. En zo belanden vele erkende vluchtelingen in een vicieuze cirkel, en soms zelfs op straat.

“Zo belanden vele erkende vluchtelingen in een vicieuze cirkel, en soms zelfs op straat”

Om de lage huurprijs te garanderen, werd aan de buurtbewoners en andere investeerders gevraagd om tijdelijk, voor een periode van vijf jaar, afstand te doen van hun eigen rendement. Bovendien boden de buurtbewoners het gezin heel wat praktische ondersteuning aan en maakten ze hen wegwijs op het vlak van de administratie, de vele wijkinitiatieven en ontmoetingsplaatsen die er zijn, de scholen die ze konden kiezen, enz. Zo bouwen ze op kleine schaal mee aan het verstevigen van een collectieve bedding waarin ook meer kwetsbare groepen stap voor stap als volwaardig lid van een gemeenschap worden opgenomen.

De buurtbewoners streven bovendien niet naar het omverwerpen van het bestaande woonmodel maar kiezen voor het realiseren van een verandering van binnenuit. Het betekent dat ze het traditionele spel van vraag en aanbod op de woonmarkt respecteren om zelf één of meerdere huizen te verwerven. Het geld dat bij elkaar wordt gebracht via de huurinkomsten of de inbreng van hun investeerders wordt dan vooral gebruikt als hefboom om maatschappelijke meerwaarde te realiseren. Niet de eigen winst of opbrengst staat centraal maar wel het realiseren van solidariteit en het recht op behoorlijke huisvesting.

Tegelijk erkent de Gentse buurtgroep de kritiek dat hun initiatief deels kan worden weggezet als een druppel op een hete plaat. Daarom investeren ze in de uitbouw van een netwerk van maatschappelijke organisaties waarmee ze heel gericht andere burgers of organisaties willen inspireren om een soortgelijk initiatief te realiseren. En dat zet op termijn meer druk op (lokale) beleidsmakers voor het nemen van een aantal meer structurele maatregelen rond betaalbaar wonen en de begeleiding van erkende vluchtelingen. Het eigen initiatief biedt dan een vruchtbare voedingsbodem om met de nodige legitimiteit de dialoog te blijven zoeken met potentiële bondgenoten uit de private en de publieke sector. Het laat hen toe om het thema al minstens op de politieke en maatschappelijke agenda te zetten en beleidsmakers stap voor stap tot actie aan te manen.

Tekst door: Prof. Dr. Joris De Corte, Universiteit Gent – Vakgroep Sociaal Werk & Sociale Pedagogiek

Benieuwd naar meer verhalen over de boeiende zoektocht tussen individu en gemeenschap? Check dan gerust het boek Individu zkt. gemeenschap (of was het omgekeerd?) – Over politiek denken en handelen in de open samenleving.

Gastauteur

Om Nederland socialer en duurzamer te maken hebben we iedereen nodig. Daarom verwelkomen we op MaatschapWij gastauteurs die hun licht op een bepaald thema laten schijnen. Op deze pagina vind je hun bijdragen. Zelf een artikel, blog, column of video delen op de website? Stuur dan een mailtje met je bijdrage of bijlage naar redactie@maatschapwij.nu. De redactie beoordeelt vervolgens of we het stuk bij MaatschapWij vinden passen.

Bekijk alle artikelen van Gastauteur
Abonneer
Laat het weten als er

0 Comments
Meest gestemd
Nieuwste Oudste
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties
Steun
MaatschapWij
10 EURO
Bij MaatschapWij zetten we al meer dan zeven jaar denkers en doeners in de schijnwerpers die onze samenleving groen, gezond en verbonden maken. Zonder betaalmuur of andere obstakels. En zonder winstoogmerk. Dit collectief kan zonder financiële steun niet bestaan. Veel hebben we niet nodig: elke donatie, hoe klein of groot ook, is welkom. Sluit je aan, we hebben je nodig!
Tuurlijk!
GERELATEERD