
Het Mamdani-effect: zijn millennial politici onze redding?
De democratie zit in een slop. Populistische leiders wereldwijd gaan aan de haal met de regels van het systeem alsof het een potje Monopoly is en tasten daarmee de geloofwaardigheid van álle politici aan. Dat heeft zijn weerslag op de jongste generatie stemmers. Studies laten zien dat jongeren anno nu meer gedesillusioneerd zijn in hun volksvertegenwoordigers dan eerdere generaties op dezelfde leeftijd. Gelukkig staan er ook hoopgevende, jonge politici op die het (radicaal) anders doen.
Van de Europese 16 tot 26-jarigen vindt nog slechts 57 procent een gekozen regering de beste vorm van bestuur. Eén op de vijf ziet een autoritaire leider zelfs prima zitten. Misschien niet eens zo heel gek, als je opgroeide in tijden van Brexit, Trump, corona, oorlogen en een klimaatcrisis. Nou geloof ikzelf – een 31-jarige millennial – ook niet per se dat democratie perfect is, maar ik heb tot op heden weinig haalbare, betere alternatieven voorbij zien komen (ik sta open voor suggesties).
Hoe moedeloos ik ook kan worden van het beleid en gedrag van de machthebbenden in de wereld, diep vanbinnen geloof ik nog steeds in de kracht en potentie van democratie. Daarom ging ik op zoek naar inspirerende voorbeelden die een tegengeluid bieden. Want ze bestaan: succesvolle, progressieve politici uit mijn eigen generatie, die jongeren weten te bereiken en kiezen voor verbinding in plaats van verdeeldheid.
Drie inpspirerende voorbeelden die een tegengeluid vormen
Voor iedereen die wel een dosis politiek optimisme kan gebruiken, zet ik er daarom drie op een rij.
Amerika: Zohran Mamdani
Eind vorig jaar voelde ik voor het eerst in lange tijd weer oprechte hoop en enthousiasme bij het volgen van een politieke campagne. En gelukkig was ik niet de enige: Zohran Mamdani werd op 34-jarige leeftijd verkozen tot jongste burgemeester van New York sinds 1892, en de eerste moslim ooit. Hij noemt zichzelf een (democratisch) socialist – een term die in Amerika soms bijna als scheldwoord wordt gezien – en komt er openlijk voor uit dat hij de rijken en grote bedrijven flink wil belasten.
Mamdani beloofde zaken als goedkopere supermarkten, gratis busvervoer, bevriezingen van huurprijzen en een minimumloon van 30 dollar. Volgens sommigen te mooi om waar te zijn, maar de lijst aan wapenfeiten sinds hij op 1 januari geïnstalleerd werd, is nu al indrukwekkend. Een kleine greep:
- De eerste grote supermarkt gerund door het stadsbestuur is in aanbouw in East Harlem
- De eerste tweeduizend tweejarigen mogen vanaf dit najaar gratis naar de kinderopvang (een programma dat opvang uiteindelijk gratis moet maken voor alle twee- en driejarigen)
- Hij loste New Yorks begrotingstekort van 12 miljard(!) dollar op
Maar het zijn niet alleen zijn politieke overtuigingen en daden waardoor Mamdani als een verademing voelt. Zijn communicatiestijl is om door een ringetje te halen. Met een aanstekelijke glimlach die met geen mogelijkheid van zijn gezicht te poetsen lijkt, gelikte social media video’s – aan zo’n 11,5 miljoen volgers op Instagram – en een gezonde dosis humor stal hij de harten van linkse jongeren wereldwijd.
“We gaan de kilheid van het onbuigzame individualisme vervangen door de warmte van het collectivisme” – Zohran Mamdani
Het contrast met de huidige president van Amerika, wiens social media-uitingen met de dag krankzinniger worden, kan bijna niet groter. Toch wist Mamdani tijdens een ontmoeting zelfs Donald Trump te charmeren. Hoewel Trump hem eerder nog een ‘communistische gek’ noemde, en Mamdani op zijn beurt openlijk verklaarde de president een ‘fascist’ te vinden, spraken ze over het samen bouwen van 12.000 betaalbare appartementen in New York. Of dit project daadwerkelijk van de grond komt? To be continued…

Foto: Dimitry Shein.
VK: Hannah Spencer
In het Verenigd Koninkrijk rommelt het al een tijdje op politiek gebied. Voor het eerst lijkt het tweepartijenstelsel open te breken, nu zowel Reform UK als the Green Party enorme winsten boekten bij de lokale verkiezingen in mei, ten koste van Labour en de Conservatieven.
Eén van de opkomende Green Party politici is Hannah Spencer (35) uit Manchester. Spencer staat ook wel bekend als ‘Hannah the Plumber’, vanwege haar werk als loodgieter en stucadoor, niet de eerste beroepen waar je aan denkt als je haar verschijning ziet. Tijdens tussentijdse verkiezingen eerder dit jaar in Manchester won Spencer onverwacht een zetel in het parlement. Historisch, aangezien deze zetel al sinds 1931 in handen was van Labour.
In haar eerste drie maanden als parlementslid heeft Spencer laten zien consistent op te komen voor de rechten van minderbedeelden. In haar noordelijke, ‘working class’ accent en modebewuste outfits (door de media vaak meer onder de loep genomen dan haar speeches) maakt ze zich hard voor thema’s als lagere lasten, een minimumloon van 15 pond per uur, en de toegankelijkheid van bibliotheken.
Omdat ze in haar dagelijks werk regelmatig bij mensen thuis komt, ziet ze van dichtbij in wat voor (erbarmelijke) situaties veel van haar stadgenoten leven. 45 procent van de kinderen in haar kiesdistrict leeft onder de armoedegrens, en huizen zijn er vaak slecht geïsoleerd. Spencer zet zich ook in voor huurregulatie: in tegenstelling tot Nederland kent het VK geen maximum aan jaarlijkse huurverhoging. Huisbazen kunnen dus op ieder moment de huur (enorm) verhogen, en mensen effectief uit huis zetten.
“Stem op mensen die in de echte wereld leven, niet mensen die alleen een carrière in de politiek ambiëren om hun ego te strelen” – Hannah Spencer
Als nieuwkomer in het parlement liet Spencer zich in een recent interview ook verbaasd uit over de omgangsvormen en gang van zaken in Westminster. Zo bekritiseerde ze het alcoholgebruik van parlementsleden tijdens hun werk, wat haar een berisping opleverde van de rechts-populistische Reform UK-leider Nigel Farage.

Foto: House of Commons.
Nederland/Europa: Anna Strolenberg
Ook op eigen bodem duiken er gelukkig hoopgevende jonge politici op. Anna Strolenberg (30) begon in 2020 als landelijk campagneleider van de pan-Europese – en overwegend jonge – partij Volt. Volt is sinds 2017 actief in verschillende landen en zet zich in voor een sterker, democratischer Europa, als antwoord op toenemend populisme en de Brexit. Vier jaar later werd ze namens die partij verkozen tot Europarlementariër, waardoor ze nu in Brussel werkt.
Binnen het Europees Parlement richt Strolenberg zich op vrouwenrechten, een eerlijk vluchtelingenbeleid en het voedsel van de toekomst. Ook zet ze zich in voor meer jongeren en vrouwen in de politiek. Op social media vertelt ze dat ze nooit had gedacht zelf in de politiek te belanden, maar dat ze niet langer kon toekijken hoe politici vluchtelingen de schuld gaven van allerlei problemen. Ze realiseerde zich dat de oorzaak én oplossing van die problemen vaak bij de EU ligt, en dus stelde ze zich verkiesbaar.
Net als Mamdani en Spencer heeft Strolenberg heel goed door hoe je politiek toegankelijker maakt voor jongeren: haar korte video’s op Instagram combineren bevlogenheid met klare taal en humor. Daarnaast is ze niet bang om tijdens debatten fel in te gaan tegen oudere witte mannen die er conservatieve, schadelijke meningen op nahouden als het gaat om bijvoorbeeld seksualiteit en consent (een video hiervan leverde ruim 25.000 likes op).
“Vroeger vochten we tegen seksisme op straat, nu moeten we die strijd ook online voeren” – Anna Strolenberg
Behalve support krijgt Strolenberg echter ook veel haatreacties onder haar social media posts – iets waar vrouwelijke politici volgens sommige studies maar liefst twee keer zo vaak mee geconfronteerd worden als mannen. We hebben een digitale feministische golf nodig, betoogt ze. Ook op haar werkplek wordt ze niet altijd serieus genomen door haar leeftijd en gender, vertelde ze eerder dit jaar aan Feminer. Voor Strolenberg des te meer reden om zich in te zetten voor vrouwenrechten, offline én online.

Foto: European Union.
Hoop
Met een beetje geluk hebben deze drie dertigers nog een lange, vruchtbare politieke carrière voor zich, waarin ze langzaam maar zeker de starre oude garde van hun troon stoten. Laat dit het begin zijn van een nieuwe trend. Eentje waarin jongeren zichzelf herkennen in hun vertegenwoordigers, geïnspireerd worden weer naar de stembus te gaan, óf zelfs in hun voetsporen treden. Want onze democratie – imperfect als ze is – is het waard om voor te vechten.


