
Grenzen stellen of ruimte innemen?
Lange tijd heb ik geworsteld met dit thema. Met de vraag wat voor míj nu eigenlijk werkte. Moest ik leren grenzen stellen, of mocht ik juist meer ruimte innemen? En wat is eigenlijk het verschil tussen die twee? Wat ik vaak zag – en ook bij mezelf herkende – is dat grenzen stellen meestal ontstaat vanuit emoties.
Vanuit geraaktheid, boosheid, angst, ongenoegen. Vanuit de behoefte om jezelf te beschermen. Het komt vaak voort uit spanning, uit iets wat al te ver is gegaan. Grenzen stellen voelt dan al snel hard, onaardig of buitensluitend.
Zo ervoer ik het in ieder geval. En dat raakte een teer punt, want zo wilde ik niet zijn.
Toch geloofde ik dat het ook anders kon.
De voetstap in het zand
Ik ben gaan oefenen met iets wat voor mij veel natuurlijker bleek te voelen: ruimte innemen. Niet door me groter te maken, maar door er simpelweg te zijn. Zoals een voetstap in het zand. Die doet geen moeite om een voetstap te zijn. Ze ís er gewoon. De contouren zijn helder, zonder strijd. Ze hoeven niet verdedigd te worden. Het is simpelweg de plek waar de voetstap ophoudt en het strand weer verdergaat.
Zo kan het voor jezelf ook werken, ontdekte ik.
Ik ben er.
Ik zie mezelf.
Ik voel waar mijn grens is.
Waar ik overvloei in de ander, en waar ik ophoud en de ander begint. Dat is wel een belangrijke voorwaarde om ruimte te kunnen innemen: dat je je eigen grens vóélt. Dat je weet waar jij eindigt en de ander begint. Met andere woorden: wat is van jou, en wat is van de ander?
Oefenen in het echte leven
Daar heb ik intensief mee mogen oefenen in een eerdere liefdesrelatie. Mijn partner was lange tijd depressief. En vanzelfsprekend resoneerde die diepte ook in mij. Al had ik mijn eigen zwaardere lagen lang ontkend – bij mij was alles altijd ‘in orde’. Tot twaalf jaar geleden, toen ik ging scheiden. Toen ging de doos van Pandora open. Altijd in delen, natuurlijk.
Er was veel te zien, te voelen en te ervaren. Want zolang iets nog niet gezien wil worden, blijft het rustig wachten in je systeem. Tot jij er klaar voor bent.
Van overnemen naar aanwezig zijn
Inmiddels kan ik zeggen dat ik mijn eigen grens ken. Ik voel hoe iets voor míj is, zonder automatisch over te nemen wat de ander voelt. Niet omdat ik harder ben geworden, maar omdat die stukken in mij geheeld zijn.
Daardoor kan ik de ander helderder zien. En mezelf ook, meer en meer. En als vanzelf neem ik meer ruimte in. Dat is voelbaar voor de ander. Zo werkt dat, energetisch.
En omdat ik ook van communicatie hou, benoem ik het graag. Ik zeg wat ik nodig heb, wat ik wens, hoe het voor mij klopt. Want wensen en grenzen gaan wat mij betreft hand in hand. Dat schept helderheid. Voor je omgeving, maar vooral ook voor jezelf.
Hoe kijk jij naar grenzen stellen en ruimte innemen?


